BIOS Wiki
Advertisement

Vak was voor schooljaar 2017-2018 Nederlandstalig: Bio-indicatoren van milieukwaliteit. Hier is ook een pagina van. Kunnen wat nuttige vragen instaan maar de cursus is hervormd dus niet alle vragen zijn nog relevant.

23/1/2021[]

Stoks:

  • bespreek OCLTT en link het met TICS
  • SPEAR index
    • Wat is het?
    • Wat heb je nodig om de index te bepalen?
    • Geef de index en de pollution load weer in een figuur
    • Hoe wordt 'pollution load' van een vijver bepaald?
    • Wat gebeurt er met de index bij climate change, als de hoeveelheid pollution constant blijft?
  • PRC grafiek weergegeven en Bk: Geef de statistische techniek die gebruikt wordt (I), uitleggen wat je ziet (II), uitleggen van omgekeerd effecten (III) en bespreek de NOEC van de gemeenschap (IV)

Janssen:

  • je krijgt data omtrent de toxiciteit van 4 verschillende sites. Geef weer met behulp van welke biomarkers je de vervuiling van deze sites zou aantonen + teken een starplot van elke site met de 4 biomarkers
  • Op welke manier hebben size-selective predators invloed op prey population? Geef een voorbeeld van elke klasse van non-consumptive effects.
  • figuur gegeven: welke interactie wordt hier weergegeven + wat voor een effect zal dit teweegbrengen in het organisme + hoe zullen we met interacties moeten omgaan in risk assessment?

20/1/2020 VM[]

Stoks (mondeling)

  1. Bespreek directe en indirecte effecten van een mengsel van een insecticide en een fungicide op een tritrophic food web (zonder vis). Wat zou je een boer aanraden op vlak van combinaties, timing... van sproeien?
  2. bespreek OCLTT en link het met TICS
  3. zijn soorten uit trofische gebieden gevoeliger dan diegene uit soorten die leven in een gematigd klimaat? Leg uit mbv figuren (mbv TPC dus)
  4. 2 grafieken weergegeven (1ste is een PRC, 2e betreffende SPEAR-index): Geef de twee statistische technieken die gebruikt zijn (I), welke soorten zullen nadelig beïnvloedt worden (II), welke soorten worden net positief beïnvloedt en geef mogelijke verklaringen (III) en bespreek de NOEC van de gemeenschap (IV).

Janssen (schriftelijk)

  1. je krijgt data omtrent de toxiciteit van 4 verschillende sites. Geef weer met behulp van welke biomarkers je de vervuiling van deze sites zou aantonen + teken de starplots met behulp van deze 4 biomarkers.
  2. figuur gegeven: welke interactie wordt hier weergegeven + wat voor een effect zal dit teweegbrengen in het organisme + hoe zullen we met interacties moeten omgaan in risk assessment?
  3. Kunnen we met behulp van de SOD-activiteit bepalen of een site vervuild is?
  4. Het is meest waarschijnlijk dat we een synergistische interactie van twee stressoren zullen krijgen wanneer deze simultaan worden toegediend.

18/1/2019 NM[]

Stoks (mondeling):

  1. Bespreek directe en indirecte effecten van een mengsel van een insecticide en een fungicide op een tritrophic food web (zonder vis). Wat zou je een boer aanraden op vlak van combinaties, timing... van sproeien?
  2. SPEAR index
    1. Wat is het?
    2. Hoe wordt het berekend?
    3. Geef de trend van deze index naarmate vijvers meer vervuild zijn
    4. Hoe wordt 'pollution load' van een vijver bepaald?
  3. Gegeven: cumulatieve SSD grafiek
    1. Welke methode wordt hier weergegeven
    2. Principe uitleggen
    3. Zijn tropical of temperate species gevoeliger volgens de grafiek?
    4. Welke waarde kan je uit de grafiek afleiden en geef ook die waarde voor temperate en tropical species
    5. Hoe kan je deze waarde gebruiken in risk evaluation?
    6. Wat gebeurt er met de grafieken onder global warming (schuiven ze naar links of rechts, welke meer of minder?)

Janssen (schriftelijk)

  1. Hoe is timing belangrijk voor de interactie tussen twee stressoren? Leg uit en geef voorbeelden.
  2. Op welke manier hebben size-selective predators invloed op prey population? Geef een voorbeeld van elke klasse van non-consumptive effects.
  3. Gegeven: Starplots van 3 sites met per site een aantal biomarkers op de plot. Rangschik de sites van meest naar minst vervuild en leg uit welke pollutants aanwezig zijn op elke site.

19/1/2018 NM[]

Janssen (mondeling):

Je krijgt starplots van 4 stoffen gegeven op 7 verschillende sites in eenzelfde natuurgebied, welke 4 biomarkers zou jij gebruiken om deze stoffen het beste te detecteren en teken de resulterende starplots van de mogelijke reactie van deze biomarkers voor elke site.

Schriftelijk: 3 definities: CEA, reference site en reversal interaction

Stoks (schriftelijk):

  1. OCLTT + geef verband met toxicity enhanced climate change sensitivity.
  2. PICT uitleggen + bijhorende grafieken tekenen.
  3. Gegeven: SSD grafiek, vragen:
    1. Welke methode wordt hier weergeven.
    2. leg kort principe uit
    3. Zijn freshwater species gevoeliger dan salt water volgens grafiek
    4. Schat HC5 voor Atrazine en geef grafisch weer op de grafiek hoe je dit hebt gevonden.
    5. Welke info heb je bijkomend nog nodig voor een risk evaluation? Hoe wordt deze info samen geïntegreerd?

[]

Advertisement